Pedofilie in de Kerk: parlementair onderzoek moet concrete antwoorden geven

Morgen komt de commissie Justitie van de Kamer samen om de pedofilieschandalen in de Kerk te bespreken. De vele getuigenissen over jarenlang kindermisbruik en stilzwijgen in de schoot van de Kerk, hebben het land geschokt.  Vele zaken vragen nu om een concreet antwoord. Hoe was het mogelijk dat deze misdrijven decennialang verborgen bleven,  Justitie niet op de hoogte werd gebracht en de daders niet werden gestraft? En hoe kan de werking van verschillende instellingen aangepast worden om de “wet van de stilte” in de toekomst te verhinderen?

Groen! en Ecolo pleiten daarom voor de oprichting van een parlementaire Onderzoekscommissie met de bevoegdheden van een onderzoeksrechter. Voor de Groenen is het belangrijk dat het hier om een “onderzoekscommissie” gaat zoals voorzien door de wet van 1880. Een zogenaamde “bijzondere commissie” heeft niet de vereiste bevoegdheden, en riskeert te verdrinken in een te brede aanpak.

Bovendien wensen de Groenen dat er, onder de bescherming van de onderzoekscommissie, een Waarheidscommissie met specialisten komt, waar de slachtoffers, als ze dat wensen, hun leed kenbaar kunnen maken in confidentialiteit. De zaken die in deze Waarheidscommissie naar boven komen, zijn dan de input voor de parlementaire onderzoekscommissie om aanbevelingen te formuleren.

Intussen moet de Kerk alvast alle geestelijken die betrokken zijn bij seksuele delinquentie verwijderen uit instellingen, organisaties, … waar ze in contact komen met minderjarigen. Daarnaast moet een “Fonds voor Schadevergoeding van Slachtoffers van Seksueel Misbruik binnen de Kerk” op kosten van de Kerk opgericht worden om de slachtoffers van niet-verjaarde misdrijven te vergoeden wanneer de veroordeelde dat zelf niet kan. Ook slachtoffers van misdrijven die al verjaard zijn, moeten op dit fonds beroep kunnen doen.

Beide groene partijen willen bovendien het debat aangaan over een eventuele verlenging van de verjaringstermijn voor seksuele misdrijven, maar geven voorrang aan een betere en snellere aanpak door het Gerecht van seksueel misbruik van minderjarigen. De rechters en de strafuitvoeringsrechtbanken moeten de mogelijkheden krijgen om de daders van seksuele misdrijven te verbieden in de buurt te wonen van hun vroegere slachtoffer of van plaatsen waar veel minderjarigen zijn, indien het slachtoffer daarom vraagt. De situatie die we vandaag kennen is immers niet veroorzaakt door te lage straffen in het strafwetboek, maar wel door problemen die te maken hebben met de toegang en aanspreekbaarheid van  Justitie voor slachtoffers van seksueel misbruik en de wijze waarop deze worden behandeld.

Tags: 

Pers: