Vraag en antwoord: Herziening van artikel 195 van de Belgische Grondwet

Er bestaan nogal wat misverstanden over de procedure om artikel 195 van de Grondwet te wijzigen. Daarom hebben we een aantal vaak voorkomende vragen en antwoorden samengevat.

Wat is artikel 195 GW?

Artikel 195 GW regelt de procedure die nodig is om de grondwet te kunnen wijzigen. Momenteel gebeurt dat in drie stappen:

  1. De Regering, de Kamer van Volksvertegenwoordigers en de Senaat stellen een lijst op van artikels in de Grondwet die voor herziening vatbaar verklaard worden. Deze lijst wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.
  2. Na publicatie wordt het federaal parlement ontbonden en moet er binnen de 40 dagen nieuwe verkiezingen gehouden worden.
  3. Het nieuwverkozen parlement kan dan die grondwetsartikelen die in de gepubliceerde lijst voorkomen wijzigen en dat met een 2/3 meerderheid, zowel in de Kamer als in de Senaat.

Wat wordt er veranderd aan artikel 195 GW?
Er is een voorstel tot wijziging van dat artikel 195 van de grondwet. Hierdoor wordt in deze legislatuur een procedure voorzien die toelaat om ook andere artikelen dan de eerder gepubliceerde grondwetsartikelen te wijzigen. Het is dus enkel de procedure die veranderd wordt, niet de gehele grondwet.


Wie vraagt deze verandering?
De acht partijen (CD&V, Open VLD, SP.a, Groen, PS, MR, CDh en Ecolo) die na 535 dagen van onderhandelen een akkoord bereikt hebben over de Zesde Staatshervorming. Groen en Ecolo zitten federaal in de oppositie, de andere zes partijen vormen de federale meerderheid. De N-VA zaait hierover verwarring en wekt – totaal ten onrechte – de indruk dat de meerderheid deze wijziging probeert op te leggen aan de oppositie. Dat is een grote misleiding van de Raad van Europa en ongetwijfeld een doelbewuste fout van de N-VA.


Hola, wacht even, wat is dat met die Raad van Europa?
De Raad van Europa (http://www.coe.int/) is een internationale organisatie met zetel in Straatsburg waarvan 47 Europese landen lid zijn, die onder andere waakt over de mensenrechten in Europa. Ze heeft enkel een adviserende rol en kan dus geen wetten maken of straffen uitspreken.

De N-VA heeft een klacht ingediend bij het “Committee on Legal Affairs and Human Rights” (http://assembly.coe.int/Main.asp?link=/Committee/JUR/role_E.htm) tegen België, omwille van een vermeende schending van de Grondwet en een onderdrukking van de democratie in België. De partij vraagt dat de Raad van Europa België veroordeelt. Deze mensenrechtencommissie is op maandag 12 maart 2012 bijeengekomen en heeft de vraag van de N-VA doorverwezen naar de zogeheten Venice Commission.


Wat is die Venice Commission nu weer voor een beest?
De Venice Commission of European Commission for Democracy through Law zoals de instelling volledig heet, geeft advies aan de Raad van Europa over institutionele aangelegenheden. Ze bestaat uit 58 leden, de 47 die in de Raad van Europa zitten, aangevuld met landen als Kirgistan, Chili, Korea, Algerije, Kazakhstan en andere. (http://www.venice.coe.int/site/main/Presentation_E.asp)


Wat is dan juist het probleem met de wijziging van artikel 195 GW?
Samengevat: geen. De wijziging van art. 195 GW kan perfect. Dit artikel werd voor herziening vatbaar verklaard door het vorige parlement, naast tientallen andere artikelen. Het huidige parlement kan dus perfect art. 195 GW wijzigen. Toen de lijst met te wijzigen grondwetsartikelen opgesteld werd in 2010, werd expliciet vermeld in de besprekingen dat artikel 195 GW gewijzigd zou mogen worden om een grote staatshervorming mogelijk te maken. Zo verklaarde senator Van Den Driessche (toen CD&V, thans N-VA) dat “artikel 195 voor herziening vatbaar moet worden verklaard als men wil vermijden dat men de volgende legislatuur in een impasse geraakt.”


Ja maar, artikel 195 GW wordt maar eventjes gewijzigd, dat is toch raar?
Niet echt. De N-VA beweert dat dit een tijdelijke opschorting van de grondwet betekent. Niets is echter minder waar. Het is een tijdelijke wijziging van art. 195 GW (en dus van de procedure tot wijziging van de grondwet), zoals dat bedoeld was door het vorige parlement. Dat blijkt heel duidelijk uit de parlementaire debatten die in 2010 zijn gevoerd over de opname van art. 195 GW, vooral in de senaat. De NVA spreekt hier echter met geen woord over.


Wat blijkt dan uit die bespreking in de senaat?
Eerst en vooral dat vele parlementsleden en partijen art. 195 GW eigenlijk NIET wilden wijzigen. Dat was ook zo bij het opstellen van de lijst in 2007. Vooral de Franstaligen waren tegen, omdat zij bang zijn voor een soepele manier om de grondwet te wijzigen, gelet op de separatistische tendensen in Vlaanderen. Ze hebben het bewuste artikel toch opgenomen op de lijst, omdat op dat moment (mei 2010) niet kon worden ingeschat hoe groot die staatshervorming zou worden.


Maar waarom die tijdelijkheid?
De “preconstituante” had de toelating gegeven, een mandaat als het ware, om art. 195 te wijzigen met het doel om een akkoord over een grondige staatshervorming te kunnen realiseren. Met dit doel en geen ander. Daarom staan in de artikelen die nu opgelijst staan in het aangevochten wetsvoorstel, enkel artikelen die nodig zijn om het institutioneel akkoord uit te voeren en GEEN andere. Zo zijn er nog wijzigingen nodig van een paar grondwetsartikelen om een grote justitiehervorming te realiseren. Die artikelen zijn niet opgenomen in het aangevochten wetsvoorstel. En dus, logischerwijze, geldt deze wijziging ook enkel voor een legislatuur.


Waarom beweert Groen dat de N-VA hypocriet is?
Om te beginnen omdat de N-VA zelf vragende partij was en is om art. 195 GW te wijzigen om zo naar een soepeler systeem te gaan. Alleen wilden zij dit permanent maken. En daar was geen meerderheid voor te vinden. Ze bestrijdt dus wat ze zelf wil!

Daarenboven is de N-VA hypocriet omdat haar voorzitter Bart De Wever zelf verklaard heeft dat hij de grondwet desnoods opzij wil schuiven om het confederalisme in te stellen in België. Hij deed deze verklaring in de “Gazet van Antwerpen” op 3 maart 2012, dus terwijl de bespreking over artikel 195 GW volop bezig was in de Kamer en nog moest beginnen in de Senaat.

Tot slot is de N-VA ook hypocriet om nu naar de Raad van Europa te trekken. Deze raad heeft in het verleden immers uitspraken gedaan over de taalwetgeving, de faciliteiten en het niet ondertekenen van het Minderhedenverdrag, waar de N-VA het niet mee eens was. Toen beweerde ze altijd dat de Raad van Europa niets begrijpt van België en dat het een onbelangrijke instelling was.


Waren er geen alternatieven?
Er zijn vier opties, maar slechts een is politiek interessant en juridisch correct.

  1. De tijdelijke wijziging van artikel 195 GW, de procedure die thans gevolgd wordt, conform de wil van het vorige parlement (de zogenaamde preconstituante);
  2. Geen wijziging van artikel 195 GW, waardoor slechts een deel van het communautair akkoord kan uitgevoerd worden in deze legislatuur. Andere delen (zoals de grondige hervorming van de senaat, het akkoord over de splitsing van BHV, …) zouden dan ten vroegste na de verkiezingen van 2014 gerealiseerd kunnen worden (als er dan nog een 2/3 meerderheid zou bestaan), terwijl de N-VA intussen wel het communautaire vuur kan blijven oppoken.
  3. Men kan een zogenaamde “impliciete grondwetswijziging” doorvoeren. Dit betekent dat men een bepaald artikel zodanig wijzigt dat het eigenlijk ook andere artikels wijzigt. In het verleden werd deze praktijk helaas meermaals toegepast, ook al is dit juridisch zeer laakbaar. Ook dat is zeker geen optie.
  4. De grondwet wordt opzijgezet, zoals N-VA voorzitter Bart De Wever voorstelde in de “Gazet van Antwerpen” op 3 maart 2012.

Tijdens de bespreking van artikel 195 GW in de Kamer heeft Kamerlid Stefaan Van Hecke (Groen) de N-VA gevraagd op welk van deze vier manier zij de staatshervorming wil realiseren. Hij wacht nog steeds op een antwoord. Als de NVA intellectueel eerlijk is, kan ze niet anders dan toegeven dat, mocht zij in de regering gestapt zijn en een communautair akkoord hebben gesloten, zij ook enkel via de weg van de wijziging van art. 195 GW dat akkoord had kunnen uitvoeren.


Zijn de hervormingen dan zo belangrijk dat ze nu moeten gebeuren?
De Zesde Staatshervorming is het resultaat van 550 dagen onderhandelen en is de grootste staatshervorming ooit. Ze komt er zelfs expliciet op de vraag van de N-VA. Enkele voor Groen belangrijke elementen kunnen echter niet doorgevoerd worden, zonder artikel 195 GW te wijzigen:

  • De toekenning van de bevoegdheid voor de gewesten om het provinciale bestuursniveau te hervormen;
  • De toekenning van de bevoegdheid aan de Raad van State om zich over de privaatrechterlijke gevolgen van zijn arresten uit te spreken;
  • De instelling van het positief injunctierecht voor de gewesten;
  • De invoering van een verbod om de kieswetgeving te wijzigen binnen het jaar dat de verkiezingen voorafgaat
  • De grondige hervorming van de senaat, waardoor er in 2014 maar liefst 40 parlementsleden minder zullen verkozen worden in het federaal parlement.

Is dit alles wel voldoende bediscussieerd in het parlement?
Dit voorstel tot wijziging van art. 195 GW is tijdens twee commissies behandeld. De discussie gaat niet over de inhoud van 15 hervormingen uit het institutioneel akkoord die opgesomd staan in het wetsvoorstel, wel over de procedure die gevolgd moet worden. De N-VA heeft geprobeerd om te discussiëren over elk van deze 15 elementen. Daar is niet dieper op in gegaan, omdat de teksten die uitvoering moeten geven aan die 15 elementen, nog geschreven moeten worden!

Elk van die 15 elementen van het akkoord zullen in een aparte tekst worden gegoten die elk de volledige procedure door het parlement zullen doorlopen. Telkens met een 2/3 meerderheid. Dit zal gebeuren in de loop van de 2 komende jaren.


Samengevat, de N-VA maakt de mensen maar iets wijs?
Eigenlijk wel.

  • De voorgestelde wijziging van artikel 195 GW is volledig conform de grondwet. Er is een uitgebreid debat aan voorafgegaan, waarin duidelijk de reikwijdte en het tijdelijke karakter aangegeven werd door het vorige parlement;
  • Het is de enige legistiek correcte wijziging om de grootste staatshervorming ooit door te voeren;
  • De N-VA is zelf vragende partij om artikel 195 GW te wijzigen;
  • De N-VA geeft zelf geen enkel alternatief, tenzij de grondwet volledig opzij te schuiven.

Met andere woorden, de N-VA is hypocriet en misleidt de publieke opinie en de internationale instellingen.

Tags: 

Werk: